Menu

De Ming-stadsmuren van Beijing

In veel reisboeken zul je lezen wat voor topattractie de Ming-stadsmuren wel niet zijn. Je lezen over een lange geschiedenis van imposante muren, 20 meter breed en 15 meter hoog, compleet met grachten en toegangspoorten. Dit schept natuurlijk verwachtingen, maar in Beijing zijn de muren vrijwel geheel gesloopt. Het kleine stukje dat er nog staat, net ten zuiden van het treinstation, is op zijn hoogst wel aardig om te bekijken maar meer dan dat ook niet. Wil je goed bewaarde stadsmuren bekijken, dan zijn die van Xi’an en Pingyao een veel betere optie.

Chinees: 明城墙遗址公园 / Míng Chéngqiáng Yízhǐ Gōngyuán
Engels: Ming City Walls

vervallen overblijfsel van de Ming stadsmuur in Beijing

Openingstijden

Het park waarin de muur ligt is altijd geopend en de hoektoren dagelijks van 9:00 tot 17:00 uur.

Toegangsprijzen

Het park zelf en de muur zijn gratis toegankelijk. De gerestaureerde hoektoren kun je voor 10 yuan naar binnen.

Hoe te bereiken

De Ming stadsmuur is eenvoudig te bereiken. Neem metro lijn 5 of lijn 2 naar station Chongwenmen. Hoewel het een overstapstation is hebben zowel lijn 5 als lijn 2 hun eigen uitgangen. Kom je via lijn 2, dan is uitgang C de beste optie. Kom je via lijn 5, neem dan uitgang B. Steek daarna in beide gevallen de straat over naar het park.

Bezienswaardigheden

Ming-stadsmuur

Chinees: 明城墙 / Míng Chéngqiáng Engels: Ming City Walls

Een omschrijving van dat deel van de stadsmuur dat er nog staat is zo gebeurd, want veel meer dan een beschadigde en vervallen muur is het niet. Langs de zo’n anderhalf kilometer lange restanten van de muur loopt een smal park.

Zuidoostelijke wachttoren

Chinees: 东南角楼 / Dōngnán Jiǎolóu Engels: South-east turret

De gerestaureerde zuidoostelijke wachttoren is te vinden aan het oostelijke uiteinde van de ruines. Oorspronkelijk was het de zuidoostelijke wachttoren van de binnenste stadsmuren. Het is één van de torens in Beijing die nog bewaard gebleven is. De toren is toegankelijk, maar is niet zo interessant als de torens aan beide kanten van het Plein van de Hemelse Vrede, die ook onderdeel hebben uitgemaakt van de stadsmuren.

Geschiedenis Ming-stadsmuren

Wat nu als de Ming-stadsmuren te zien is, was in het verleden onderdeel van een een uitgebreid systeem van stadsmuren en stadspoorten om Beijing te beschermen tegen vijandige legers. Tijdens de Yuan-dynastie (1271–1368), toen de stad Dadu heette en hoofdstad was van zowel het Mongoolse rijk als van China, werden reeds uitgebreide stadsmuren aangelegd. Tijdens de daarop volgende Ming-dynastie (1368-1644) werd samen met de Verboden Stad een nieuw systeem van muren, torens, poorten en grachten aangelegd. Het zijn deze muren waarvan de ruïnes achter het station in Beijing een overblijfsel zijn.

Met betrekking tot Beijing wordt overigens vaak gesproken over de binnenste en de buitenste stadsmuren. De aanvankelijke stadsmuur die samen met de Verboden Stad aan het begin van de vijftiende eeuw gebouwd werden, was de binnenste stadsmuur. Deze muur was tot 15 meter hoog, 20 meter breed, in totaal 24 kilometer lang, had 9 poorten, 4 hoektorens, 172 wachttorens en was omgeven door een tot 60 meter brede gracht. Op Deshengmen na zijn alle poorten nog te herkennen als metrostations van lijn 2 die de voormalige stadsmuur volgt, dit zijn alle stations die op -men eindigen, wat poort betekent. Overigens zijn hierin ook poorten toegevoegd die pas veel later in de twintigste eeuw gebouwd waren.

Met de buitenste stadsmuren werd rond 1550 begonnen, want de Beijing had zich inmiddels uitgebreid tot buiten de stadsmuur. Het was de bedoeling deze muur helemaal om de binnenste muur heen te leggen, maar doordat het voortdurend oorlog was met volkeren uit het noorden waren het geld en de bouwvakkers op, aangezien bouwvakkers in tijd van oorlog soldaat waren. In latere jaren was er door betere artillerie en door een lange periode van vrede onder de Qing-dynastie (1644-1911) minder noodzaak voor stadsmuren, waardoor de buitenste stadsmuur nooit volledig afgebouwd is en enkel het zuidelijk deel voltooid werd. Deze muur was 8 meter hoog, 12 meter breed, 14 kilometer lang, had 4 hoektorens en 7 poorten.

Overigens waren er behalve de binnenste en buitenste stadsmuren ook nog twee andere stadsmuren, namelijk een muur met verdedigingswerken rond de Verboden Stad en nog een muur rond de Keizerlijke Stad waar de Verboden Stad midden in lag. De Keizerlijke Stad was enkel voor de keizer, zijn familie en entourage en bestond uit vele meren, parken en tempels. Hoewel de muur rond de Verboden Stad er tegenwoordig nog steeds staat, is die rond de Keizerlijke Stad net als de binnenste en buitenste stadsmuren afgebroken. Het enige overblijfsel is de Poort van de Hemelse Vrede, die dus niet zoals veel mensen denken onderdeel is van de Verboden Stad, maar juist deel uitmaakte van de niet meer bestaande Keizerlijke Stad.

De Ming stadsmuur een eeuw geleden

De Ming stadsmuur een eeuw geleden

Bijna tot het einde van de Qing-dynastie werden de origineel door de Ming gebouwde stadsmuren goed onderhouden. Het was pas rond 1900, vooral door toedoen van de buitenlandse machten die bijna maar net niet de dienst uitmaakten in China dat er af en toe wat afgebroken werd of er nieuwe poorten werden aangelegd. Meestal was dit om verkeerstechnische redenen, zoals bijvoorbeeld de spoorlijn naar Tianjin. Na de val van het Chinese keizerrijk zette dit proces zich voort, en vooral door geldgebrek werd er minder energie gestoken in het onderhouden van de muren. Nadat de communisten in 1949 aan de macht kwamen en ze overgingen tot het bouwen van een metro in Beijing, en omdat deze metrotunnels destijds niet geboord maar van boven uitgegraven werden, werd besloten om deze aan te leggen op de plaats van de binnenste stadsmuren. Nadat lijn 2 van de metro uitgegraven was en weer dichtgegooid, werd bovenop de 2e Ringweg aangelegd.