Menu

Geschiedenis van de verboden stad

De geschiedenis van de Verboden Stad gaat meer dan 600 jaar terug naar het begin van de Ming-dynastie (1368-1644). Een nog jonge keizer Yongle genaamd, besloot nadat hij in 1402 de macht had gegrepen dat de hoofdstad van het Chinese keizerrijk verplaatst moest worden van Nanjing in het zuiden naar Beijing in het noorden.

In het Chinees betekenen de namen van de twee steden respectievelijk ook Zuidelijke Hoofdstad en Noordelijke Hoofdstad. Daarvoor had Beijing ook al dienst gedaan als hoofdstad van tegelijkertijd de Chinese Yuan-dynastie (1271-1368) en het Mongoolse rijk, maar wat er nog van de stad over was vond keizer Yongle niet een Chinese hoofdstad waardig en dus gaf hij opdracht voor een enorme stadsmuren, nieuwe Trommel- en Beltorens, een grote tempel en natuurlijk ook enorm keizerlijk paleis, namelijk de Verboden Stad.

geschiedenis verboden stad

Het bouwen van de Verboden Stad was een enorme opgave wat in totaal 14 jaar duurde om te voltooien. Het hout voor de pilaren van de bijna duizend gebouwen kwam helemaal uit de tropische oerwouden in het verre zuiden van China. De meeste tegels, stenen en marmer werden in een steengroeve zeventig kilometer ten zuiden van Beijing geprepareerd om vervolgens in de winter over het ijs en in de zomer over boomstammen naar het centrum van de hoofdstad geduwd te worden. De tegels binnenin de belangrijkste hallen werden maandenlang in speciale ovens in Suzhou in het zuiden van China gebakken voor hun gladde textuur en goudgele kleur. Al met al was het een enorm karwei en in de geschiedenisboeken is dan ook te lezen dat er in totaal meer dan een miljoen werklieden en meer dan honderdduizend ambachtslieden aan te pas zijn gekomen.

Net zoals bij veel andere historische bouwwerken in Beijing speelde symboliek bij de Verboden Stad een belangrijke rol. Zo is de eigenlijke naam van de Verboden Stad namelijk de Paarse Verboden Stad (紫禁城 / Zǐjinchéng). Dit verwijst naar de kleur van de Poolster, wat het centrum was de woonplaats van de keizer van de goden die regeerde van al het hemelse. De Chinese keizer, de vertegenwoordiger van de hemelse keizer op aarde, woonde op zijn beurt in een paarse stad van waaruit hij regeerde over al het wereldse. Het is ook daarom dat de muren van de Verboden Stad paars geschilderd zijn (hoewel iedereen het tegenwoordig rood zou noemen). Ook komen de vijf elementaire kleuren van de oude Chinese filosofie terug in de Verboden Stad, namelijk in het witte marmer, de zwarte stenen, de gele daken, de rode pilaren en de blauwe hemel (hoewel met de luchtvervuiling van tegenwoordig dit beter bruingrijs te noemen is). Verder staan alle gebouwen langs een denkbeeldige as van noord naar zuid, altijd met de voorkant naar het zuiden gericht en afgekeerd van de agressieve barbaren, woeste geesten en bittere kou die om de zoveel tijd vanuit het noorden een bezoek aan China brachten. Tenslotte integreerde de Verboden Stad ook met de rest van Beijing, met de Keizerlijke Stad die het paleis omcirkelde, het systeem van stadsmuren en tempels en later zelfs de graven van de keizers in het verlengde van de Verboden stad

geschiedenis verboden stad beijing

Nadat het gigantische paleis in 1420 eenmaal gereed was, functioneerde het voor meer dan 500 jaar als hoofdstad van het Chinese keizerrijk en was het de woonplaats van in totaal 24 Chinese keizers. Aanvankelijk was dit onder de Ming-dynastie , maar nadat deze in 1644 door een boerenopstand verdreven werd namen de Mantsjoes die een rijk ten noordoosten van China hadden de macht over en vormden de Qing-dynastie. Hoewel de Mantsjoes vrijwel de gehele bestaande Chinese cultuur en bestuursstructuren overnamen, zijn er toch enkele sporen van deze machtsovername in de Verboden Stad te vinden. Zo zijn bijvoorbeeld op veel borden de namen van gebouwen en poorten binnen het paleis in zowel het Chinees als in het Mantsjoe en ook zijn de namen zelf vaak veranderd in iets met vrede of harmonie erin, duidend op de harmonie tussen de Chinezen en de Mantsjoes. Tijdens de hoogtijdagen van de Qing-dynastie werd de Verboden Stad bewoond door ongeveer tienduizend Chinezen. De bekendste hiervan waren wellicht de eunuchen, de duizenden ambtenaren wiens penis en testikels afgesneden werden omdat de keizer zeker wilde zijn dat zijn nageslacht door hemzelf verwekt zou worden. De concubines vormden een andere bekende groep, want naast de keizerin hield de keizer er in sommige gevallen honderden vrouwen op na voor zijn eigen vermaak.

Net zoals elke dynastie ging echter ook de Qing-dynastie ten onder. Dit gebeurde in 1912. Puyi, de laatste keizer van China en toen zes jaar oud, liet zijn moeder de verklaring tekenen dat de keizerlijke familie afstand van de troon deed, maar in de overeenkomst was wel opgenomen dat de keizer met zijn entourage in de Verboden Stad zou blijven wonen. Dit was tot 1924, waarna het paleis veranderde in een museum wat het vandaag de dag nog steeds is. Tijdens de twintigste eeuw zijn echter wel veel van de keizerlijke schatten verloren gegaan. Aanvankelijk door boze eunuchen die deze het paleis uit smokkelden, daarna tijdens de Japanse bezetting en de opvolgende Chinese Burgeroorlog, en tenslotte tijdens het communisme nadat leider Mao Zedong opdracht had gegeven alle oude dingen maar kapot te maken. Het is slechts sinds enkele jaren dat er veel moeite in wordt gestoken om het paleis weer terug te krijgen in de staat zoals het tijdens het keizerrijk was. In 2005 is een restauratieproject van start gegaan dat in 2020 afgerond moet gaan worden.

Online kaartjes en tours

Meer informatie